VAN EEN EENVOUDIG TREINBAANTJE TOT DRIERAIL GELIJKSTROOM (2)

afbeelding van Frans

2. Op verkenning

 

Elseviers Pocketboek Model Spoorweg Bouw De volgende jaren waren een complete verkenningstocht. Uiteraard kocht ik elk jaar een nieuwe Märklin-cataloog en mettertijd kwamen daar ook catalogussen van Faller, Vollmer en Kibri bij. Ik moest het tenslotte allemaal leren kennen. Maar dan waren er ook nog de Elseviers pocket­boekjes van Hameeteman, vijf verschillende uit­gaven, die een echter openbaring werden. Uren leesplezier en verrijkend tegelijkertijd.

Vandaag voorbijgestreefd natuurlijk maar in die tijd, ze­ker voor een beginneling, welgekomen materiaal.05_Hameeteman_003_S.jpg

Ook niet te vergeten is het Duitse “Modelbahnen”, een maandelijks tijdschrift met veelal vrij gespeciali­seerde informatie, ui­teraard in het Duits. Foto’s waren – behalve de cover – meestal in zwart-wit.

De oudste catalogussen van Märklin heb ik ooit, op een onbewaakt moment, weggegooid. Dit was heel dom, want voor mijn eerste cataloog (1960-1961) betalen ze vandaag blijkbaar tot 25 euro. Ik had geluk, ik heb er tijdens een beurs eentje kunnen terugkopen aan 15 euro.  

Op zeker ogenblik leerde ik een schoolmakker kennen, die thuis een echte modelbaan van Fleischmann had, zowel technisch als qua scenery afgewerkt tot in de puntjes. Diezelfde schoolmakker, zijn naam is Roger, zou later een van mijn beste vrienden worden en op termijn een enorme hulp zijn bij het ontwerpen van mijn baanplan en het opdoen van technische kennis.

Hij was ook niet de eerste de beste. Af en toe schreef hij in de Gazet van Antwerpen een artikeltje over de modelbouw. Herman Welter, toen spoorwegjournalist bij bedoelde krant, had er op woensdag een aparte rubriek over modelspoorwegbouw. Jaarlijks kwam er in die rubriek ook een prijsvraag voor, waar Roger toch wel enkele prijzen heeft gewonnen. Mij is dat spijtig genoeg niet te beurt gevallen. Het zij zo.

Met mijn modelbaan ging het niet zo vlot. Na verloop van tijd had ik wel drie locomotieven, een tiental wagonnetjes  en meerdere wissels maar tot een echte baan kwam het niet. Tijdsgebrek en een beperkt budget speelden daarbij zeker mee. Bovendien, ik was ook met zoveel andere dingen bezig.

3. Een modelbaan op komst

We noteren opeens 1981. Van mijn jeugd tot nu is er over mijn  modelspoor-hobby weinig te vertellen. Ondertussen wel getrouwd, twee kinderen, huis gekocht en verbouwd.  

Ontwerp van Roger

Maar nu is ook de zolder klaar voor een heuse modelbaan: drierail -  wisselstroom - analoog op M-rail. Mijn vriend Roger maakte voor mij een ontwerp. Je ziet het in figuur 1: een echte bergbaan van 3 m op 2.40 m in U-vorm; het hoofdstation (op de figuur aan de linkerkant bovenaan) op 10 cm hoogte, de lus rechts boven met een klein bergstation op 20 cm en het kopstation onderaan op 0 cm. Als je het goed bestudeert, ontdek je bovenaan links op het plan ook een verborgen keerlus. Het was een bijzonder knap ontwerp maar het vond in die hoedanigheid spijtig genoeg geen plaats op mijn zolder: het kopstation stond net in de weg van een van de zolderdeuren.

Op basis van Roger zijn ontwerp maakte ik een afgeleide. Die vind je in de tweede prent (figuur 2). De oppervlakte is ongeveer hetzelfde (3 m op  2.40 m) in L-vorm, ook de hoogtes zijn de­zelfde maar in de plaats van het kop­station is er nu een doorgangssta­tion ontstaan met locomotie­vendepot en  rangeermo­gelijkheden.

ontwerp van Frans

Dit ontwerp diende vervolgens als basis voor de opmaak van een spoor­ontwerp met de juiste maten. Het zou een baan worden van zo’n 32 m, voorzien van 23 wissels en 20 ontkoppelrails. Precies 50 stroomkringen en/of stopsecties werden verspreid over de baan, met de nadruk natuurlijk op de stations en waar nodig gekoppeld aan een sein.

 

En dan kwam de eigenlijke opbouw van  mijn baan, met de M-rails, niet dat ik die prefereerde maar ik had ondertussen al aardig wat materiaal en om de kosten enigszins in bedwang te houden be­sloot ik hier­mee verder te doen. Het alternatief was de K-rail geweest want de C-rail bestond nog niet. Is die M-rail een goede keus geweest, achteraf bekeken misschien niet, maar goed, het was de keuze van het moment en ondertussen doe ik er nog altijd mee voort. Om het natuurgetrouwer te maken heb ik ze allemaal mat gevernist. Dat is een kleine verbetering. Je kan je trouwens afvragen waarom Märklin zelf niet op dat idee gekomen is.

 

Voor de bouw van de baan verkoos ik te werken met een houten raamwerk en daarop de triplex baanstroken te monteren voor de sporen (zie figuur 3). Voor een bergbaan is starten met een grote plaat uiteraard uit den boze. Het werk evolueerde gestaag.

08_raamwerk_modelbaan-figuur_3_S.jpg

Märklin schakelaar Voor de bediening van de baan wilde ik een zelfgemaakt bedieningspaneel, waarop de sporen werden aangeduid met zwarte dymostrips van 6 mm breed. Gezien het aantal stroomkringen, wissels en ontkoppelrails zou het gebruik van de schakelkastjes van Märklin (zie bijvoorbeeld figuur 4 – we zijn in het jaar 1981) niet alleen onoverzichtelijk maar gewoon ondoenbaar zijn. Ik zie me dat allemaal al nummeren en de genummerde plaatjes her en der op de baan plaatsen, om er nog aan uit te kunnen. Neem daar nog bij dat voor de stopsecties in de stations, die automatisch samen met de seinen worden bediend, dubbelpolige schakelaars nodig zijn, dan blijkt zo’n paneel eigenlijk pure noodzaak.

Het paneel was 60 op 30 cm. De schakelaars  en drukknopjes kocht ik in een elektronica-winkel. De transformatoren, het waren er twee, een voor het hoofdstation met de hoofdlijn en een voor het doorgangsstation, stonden naast mijn paneel. Een bloksysteem voor automatisch treinverkeer zat er toen nog niet in.

 

Toch was er nog iets mis. Het zelfgemaakte schakelpaneel voor wisselbediening en ontkoppelrails en de schakelaars voor de stroomkringen, het werkte allemaal goed. Maar het voldeed nog niet helemaal. Een volledig schakelpaneel met ingebouwde snelheidsregelaars drong zich stilaan op. Mijn redder in nood was opnieuw mijn vriend Roger.

 

Wordt vervolgd ...

Adres: 
3210 Lubbeek
België
BE